![]() |
|||
![]() |
![]() |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
![]() JAMES CAMERON Overhyped en uit de gratie. Moet je maar geen kostuumdrama's van 200 miljoen dollar maken. Na Titanic is het moeilijk voor een jarenlange aanhanger van James Cameron om nog trots te zijn op de goede man. Kostuumdrama? Waar is de man die Arnold Schwarzenegger zijn eigen oog liet uitsteken? Die pulp-sf over vliegende piranha's maakte onder toeziend oog van Roger Corman? Die twee van de beste actiefilms aller tijden op zijn naam heeft staan? Ik ken het risico dat ik neem door een stuk over James Cameron te schrijven in Project A. Ik weet wat er door je hoofd ging toen je dit artikel in de index zag staan. Ik weet 't, ik weet 't. Het zijn dezelfde dingen die door mijn hoofd gingen toen ik op het idee kwam dit stuk te schrijven. Kan dit nog wel? Is Cameron niet het schoolvoorbeeld van een sell-out? Het is Titanic voor en Titanic na op het moment. Ook al worden we er onderhand doodziek van, laten we niet vergeten dat de regisseur van Titanic ook de regisseur van Piranha II: Flying Killers, The Terminator en Aliens is. Het enige dat er in mijn afweging uiteindelijk toe deed was al het moois dat Cameron ons in het verleden gegeven heeft. Mijn bewustwording op filmgebied (zo rond elf, twaalf jaar) valt samen met Camerons The Terminator en Aliens. Zijn diepblauw gekleurde sf-visies zijn representatief voor het begin van mijn videoconsumptie. Het waren twee van de eerste films die ik ooit op video huurde en daarmee was een verering begonnen.
De Roger Corman-periode Wat hebben Francis Ford Coppola, Dennis Hopper, Ron Howard, John Sayles, Jack Nicholson, Peter Bogdanovich, Martin Scorsese, Jonathan Demme, Joe Dante en James Cameron gemeen? Ze zijn allemaal begonnen onder producent en regisseur Roger Corman. Roger Corman is de man die het script van Waterworld onder ogen kreeg en verschrikt riep: "Wat?! Het gaat minstens zes miljoen dollar kosten om dat te verfilmen!" Dit om aan te geven hoe hij over filmproductie denkt. Corman denkt vlug en goedkoop, maar wie zijn serie Edgar Allan Poe-verfilmingen uit de jaren zestig heeft gezien weet dat hij met die mentaliteit vaak verbluffende films weet te maken. Als producent let hij echter minder op kwaliteit dan op de centen. Maar ondanks de, laten we het maar bij name noemen, bagger die hij produceert is hij wel een van de meest gerespecteerde filmmakers in Hollywood. En waarom? Vanwege het bovenstaande rijtje namen. Corman heeft een onmiskenbare gave voor het scouten van groot talent. En ook al zijn de films die ze onder zijn bewind maken niet al te best, dit talent krijgt wel de kans om ervaring op te doen. Zoals Coppola begon met het nasynchroniseren en en opnieuw monteren van Russische science fiction films en Hopper twee dagen met een camera op pad werd gestuurd om extra scenes te schieten voor The Terror (met Jack Nicholson in zijn eerste hoofdrol), zo mocht James Cameron beginnen met het bouwen van sets en miniaturen voor het door John Sayles geschreven Battle Beyond The Stars. In 1978 had Cameron een korte film van de grond gekregen (dankzij de financiering van een groep tandartsen) waarvoor hij in z'n eentje bijna de gehele crew was. Naast script, camera, montage en regie deed hij daarin ook de effecten en bouwde hij de miniaturen. Met die film als voornaamste referentie werd hij door Corman aangenomen als effectsman. De sets die Cameron voor Battle Beyond The Stars maakte werden talloze malen hergebruikt (een echte Roger Corman-traditie), wat Cameron vervolgens een serie extra credits opleverde zonder dat hij er iets voor hoefde te doen. De vernoemingen als 'design consultant' voor de films Android en Forbidden World betekenen waarschijnlijk niets meer dan dat Cameron heeft aangewezen in welk deel van de kelder zijn oude sets stonden. Na werk als special effects cinematographer voor John Carpenters Escape From New York en second unit director voor de, o ironie, Alien rip-off Galaxy Of Terror vond Roger Corman het tijd worden dat Cameron zijn regiedebuut ging maken. In 1980 regisseerde Joe Dante in het voetspoor van Jaws de film Piranha en maakte van wat een duffe imitatie had moeten worden een slimme parodie. In 1983 regissseerde James Cameron Piranha II: The Spawning en maakte hij van wat een interessant vervolg had kunnen worden een duffe Jaws imitatie.
Het is onbekend wat Camerons eigen mening over zijn debuutfilm is. Iemand doet ergens namelijk zijn uiterste best om te ontkennen dat deze film ooit gemaakt is. Piranha II wordt tegenwoordig zelfs niet eens meer vernoemd op Camerons officiële filmografieën, wat betekent dat óf Cameron, óf de rest van Hollywood zich er dood voor schaamt. Het staat immers niet al te indrukwekkend voor een 'hotshot genius director' om je debuut te hebben gemaakt met een B-horrorvluggertje over vliegende moordvissen. Je debuut maken met een briljante, ijzersterke sci-fi actiefilm, dat staat veel beter. The Terminator vs. Terminator 2: Judgement Day En The Terminator wint. Met gemak zelfs. De strijd van zes miljoen dollar tegen honderd miljoen-plus-nog-een-beetje doet denken aan David tegen Goliath. En we weten allemaal hoe dat is afgelopen. Ik heb al vaker de deugden van The Terminator bezongen. Het is en blijft een briljante film, een actiefilm die bestaat uit verschillende lagen, die zowel gezamenlijk als afzonderlijk van elkaar een goede film opleveren. Het is de enige film waarin Arnold Schwarzenegger een werkelijk goede acteerprestatie aflevert en hij is ideaal gecast in de titelrol. Er is niemand die die rol op zo'n manier en zo effectief had kunnen spelen. Deel 2 is daarentegen geen film meer. Het is een blockbuster, compleet met hitsingle van Guns n' Roses. Alles is letterlijk groter dan in deel 1. Het script is omvattender en ambitieuzer, de camerashots zijn veel wijder, de stunts en explosies zijn enorm. Deel 1 was, vanwege het budget (hoe wijder het shot, hoe duurder), vaak claustrofobisch klein, zeker in vergelijking met het vervolg. De 'arrival' scenes van beide Terminators verraden alles wanneer ze naast die uit deel 1 gezet worden. In 1 is het een serie van korte shots. We staan in een steegje, we zien bliksem en lichteffecten en dan is er plotseling de Terminator. In deel 2 gebeurt het op een open bouwterrein en wordt er een overdosis computereffecten tegenaan gegooid, terwijl we in een wijd shot effect en omgeving heel duidelijk kunnen zien. Er zitten wel meer van dit soort scenes in T2: scenes die refereren aan deel 1, maar die groter opgezet zijn. De knokpartij in het cafe, het gevecht tussen Sarah Connor en de T-1000 in de staalfabriek, de stunts met vrachtwagens, enzovoort. Allemaal hebben ze één ding gemeen: ze halen het niet bij deel 1. Het ontbreekt T2 namelijk totaal aan spanning. Achtervolgingen, gevechten en stunts zijn spectaculair in plaats van wat ze hadden moeten zijn: meeslepend. Terminator 2 wekt in de kijker verwondering en verbazing om zijn computereffecten en zijn ingewikkeld opgezette shots. Je vraagt je af hoe de makers dit soort dingen voor elkaar gekregen hebben, in plaats van je te bekommeren om de personages en hun situatie. Het enige effect is het computereffect. Begrijp me goed, ik heb weinig tot niets tegen Terminator 2 op zich, maar in vergelijking met zijn voorganger blijft er weinig van over. Terminator 2: Judgement Day is een goede actiefilm. The Terminator is een klassieker. Tom graaft door: Aliens, The Abyss en True Lies A. Aliens Er zijn erg weinig voorbeelden van sequels die beter zijn dan het origineel. The Empire Strikes Back is beter dan zijn voorganger, The Godfather Part II ook. Het verschil is in beide gevallen minimaal, meer een kwestie van gevoel dan van objectief redeneren. In het geval van Aliens is dat verschil toch iets groter. Voor zijn vervolg week James Cameron dan ook radicaal af van de stijl die Ridley Scott voor Alien had gebruikt. En in die radicale koerswijziging schuilt het succes. De meeste sequels zijn alleen in omvang anders dan het origineel. Hoe vaak komt het echter voor dat het vervolg op een horrorfilm een oorlogsfilm is? De aanpak van Aliens is grotendeels te danken aan Rambo. Je leest 't goed. Cameron kreeg het aanbod voor Aliens al voordat hij The Terminator maakte. In die periode schreef hij als overbrugging (hij wachtte op een geldschieter voor The Terminator) ook het script voor Rambo: First Blood Part II. Ondertussen kwam het script van The Terminator terecht bij David Giler en Walter Hill, die Cameron uitnodigden om mee te denken over een script voor de sf-versie van Spartacus. Cameron zag dat project totaal niet zitten en stond op het punt de vergadering te verlaten toen Giler de woorden liet vallen: "There's always Alien II". En dat beviel blijkbaar beter. Cameron zat op dat moment tot zijn nek in research over de Vietnamoorlog (hoewel je niet zou zeggen dat er ooit een minuut research in Rambo is gestoken) en dat vertaalde zich in het script voor Aliens: het was Vietnam in space.
Cameron verplaatste de regels en conventies van de vietnamfilm (een infanteriedivisie probeert overlevenden uit vijandelijk gebied te halen, vechtend tegen een onzichtbare, maar talrijke vijand, terwijl onderlinge problemen de kop opsteken) naar een science fiction omgeving. Wat dat opleverde was vrijheid. Vrijheid van het nationale vietnamsyndroom. Had Cameron werkelijk een vietnamfilm gemaakt, dan was zijn keuze om de nadruk op actie en entertainment te leggen zwaar onder vuur gekomen. Maar dit was geen Vietnam. Dit was LV-426, waar de vijand in plaats van spleetogen helemaal geen ogen had, waar de POW's niet in bamboekooien, maar in biomechanische cocons gevangen zaten en waar het favoriete martelwapen niet bloedzuiger maar facehugger heette. Ondanks de overduidelijke link met Vietnam is het uitgangspunt van Aliens bijna identiek aan het boek Starship Troopers van sf-grootheid Robert Heinlein uit 1959. Cameron had hetzelfde grapje al eerder uitgehaald met The Terminator, dat nogal wat overeenkomsten vertoonde met een verhaal van Heinleins collega Harlan Ellison. Waar Cameron voor The Terminator in de problemen kwam (de affaire leidde net niet tot een rechtszaak, waarna een schikking Ellison een deel van de royalties en een vermelding op de eindcredits deed toekomen), bleef hij met Aliens volledig buiten schot. Het begon pas op te vallen toen Paul Verhoeven onlangs met de verfilming van Starship Troopers kwam. En in vergelijking met Verhoevens film bleek meteen hoe goed Aliens was. Aliens is honderd procent puur entertainment. Het is vermaak van de hoogste orde. Hollywood specialiseert zich in vermaak, maar zelden is het resultaat zo goed als Aliens. De Star Wars-cyclus, Jaws en Raiders Of The Lost Ark horen ook in dat rijtje thuis. Het zijn films die aantonen dat pretentieloos niet per definitie hersenloos hoeft te zijn. Het zijn films die pissen op de Independence Days en Jurassic Parks van deze wereld. B. The Abyss Met The Abyss bleek opnieuw de volle omvang van James Camerons talent. Niet alleen visueel (The Abyss is het beginpunt van de huidige CGI-revolutie), maar ook als schrijver. The Abyss wordt vaak aangeduid als Camerons 'underwater epic' en in het voetspoor ontstond zelfs een korte rage. In de tijd dat The Abyss uitkwam (1989) werden we plotseling overspoeld met films die zich onder water afspeelden. Maar de makers van deze werkjes, die hier meestal niet verder kwamen dan de videotheek, keken niet verder dan hun neus lang was. Het hele onderwater-gedoe is in The Abyss namelijk maar bijzaak. Camerons script ging niet over onderwatermissies. Camerons script ging over de relativiteit van het leven. In Camerons script is een deling te zien van drie parallelle niveaus. De levens van de kleine groep wetenschappers onder water (niveau 1) maken, hoewel min of meer zelfstandig, deel uit van de maatschappij daarboven, waarin op dat moment angst voor oorlog en dood regeert (niveau 2). Maar die maatschappij maakt, zonder het te weten, weer deel uit van een nog groter geheel (niveau 3). Onder water vinden we een utopische maatschappij waarin hardwerkende mensen een simpel maar gelukkig leven leiden. Het is de komst van het militarisme (dat het 'eerlijke' gereedschap van de arbeider omvormt tot wapens) die de idylle verstoort. Het is een symbool voor de rol van oorlog en legers in ons leven. De middelen van vernietiging zijn in handen van slechts een klein groepje mensen. En als dat kleine groepje het in zijn bol krijgt, zijn de gevolgen ingrijpend en mogelijk zelfs catastrofaal. Dit gebeurt onder water met de geesteszieke soldaat Michael Biehn en dat gebeurt op een veel grotere schaal aan het aardoppervlak met een nieuwe wapenwedloop. Relatief gezien zijn ze even destructief. Het is de hele buitenaardse twist, oftewel de aanwezigheid van het derde niveau, die dit alles in perspectief brengt. Plotseling blijkt de relativiteit van ons aardse leven, hoe nutteloos al het gedoe om macht en grootheid eigenlijk is. En in deze maatschappij, waarin we alles al gezien denken te hebben, is er een schokeffect voor nodig om ons dat te doen inzien. Het verdient aanbeveling om The Abyss te bekijken in de special edition-versie, uitgebracht op video en laser disc. Vanwege de speelduur (ca. 160 minuten) werd Cameron door studio 20th Century Fox gedwongen zijn film in te korten. Hierdoor sneuvelde bijna het gehele subplot over de dreiging van de kernoorlog, een groot deel van de effecten en een heel stuk logica (zonder dit subplot werken Camerons bedoelingen immers niet meer). In de special edition is alles in ere hersteld. C. True Lies Vlak na True Lies leek het onmogelijk dat er ooit nog een James Bond-film zou komen. Niet alleen werd de Bond-cyclus qua stunts en effecten volledig overklast, het hele idee dat alle geheim agenten op deze wereld eigenlijk sullige huisvaders waren, compleet met rebelse tienerdochters en gefrustreerde echtgenotes, stak volledig de draak met de oer-mannelijke onaantastbaarheid die Bond aan de geheim agent had meegegeven. True Lies verdient echter nog meer waardering, om de simpele reden dat het een geslaagde persiflage op James Bond is. En dat is heel erg moeilijk om te doen. In de jaren zestig en zeventig zijn er genoeg slimmeriken geweest die dachten dat de Bond-films met hun rigide formules makkelijke te parodiëren waren. Zelfs Woody Allen is er tot twee maal toe ingetrapt (Met Casino Royale en What's Up Tiger Lily?). Maar geen enkele van die Bond-parodiën was erg geslaagd, om de simpele reden dat de Bond-films zelf al over een flinke dosis zelfspot beschikken. Hoe moet je in godsnaam een geslaagde parodie maken op Curt Jurgens die vanuit een plastic luchtbel op de zeebodem probeert de derde wereldoorlog uit te lokken (The Spy Who Loved Me)? Of op Donald Pleasance die Russische en Amerikaanse ruimtemissies saboteert met een raket die hij laat opstijgen vanuit een Japanse vulkaan (You Only Live Twice)? Maar waarom werkte True Lies dan wel? Ten eerste omdat het zich niet meteen presenteerde als Bond-parodie. De personages refereren niet of niet direct aan personages uit James Bond en ook het verhaal wijkt qua opbouw af van de Bond-formule. Ten tweede gingen Cameron en consorten uit van eigen kunnen. Men begon niet met het idee "Laten we een parodie op James Bond maken". De parodie is een onderdeel van de film, niet de film zelf. En ten derde had True Lies het geluk dat het na de twee meest serieuze en minst interessante Bond-films uit de cyclus kwam. De twee delen met Timothy Dalton in de hoofdrol (The Living Daylights en Licence To Kill) waren geen echte Bond-films. Ze namen zichzelf te serieus, de situaties waren (relatief gezien) te realistisch en Dalton was alles wat James Bond niet hoort te zijn. Daltons Bond was humorloos en gewoontjes in films met te weinig glamour. Bond is larger than life en hoort dus niet tegen zoiets alledaags als een drugdealer te vechten. Dankzij Dalton was de impact van True Lies alleen nog maar groter. Want True Lies had alles wat de Dalton-films niet hadden. En aan de recettes te zien zaten we daar op te wachten. Het laatste woord over Titanic Nou vooruit dan. Toch maar een stuk over Titanic. Ik kan wel doen alsof die film niet bestaat, maar dan had ik dit hele artikel niet moeten schrijven. Er is veel fout aan Titanic. Van het afgezaagde romantische kostuumdrama tot de onvergeeflijke keuze voor een Celine Dion themanummertje. Het script is niet om over naar huis te schrijven, met eendimensionale personages (vooral de uitgekauwde bad guys gespeeld door Billy Zane en David Warner) en een waslijst aan clichés. De computereffecten zijn af en toe iets te ambitieus en doorzichtig (en tonen daarmee gelijk aan dat we op dit gebied nog lang niet zo ver zijn als we dachten; de tijd dat acteurs overbodig worden dankzij digitale collega's is nog ver weg). Maar Titanic is thematisch gezien wel degelijk een James Cameron-film. Opnieuw gaat het om de mens en zijn uit de hand gelopen technologie. Opnieuw moet het individu zich ten overstaan van immense krachten zien te redden. Dat gold voor The Terminator, voor Aliens, voor The Abyss en ook voor Titanic. Wat betreft die veertien oscarnominaties: daar zijn er enkele van verdiend en een hoop niet. Dat de Academy makkelijk te vangen is met breeduitgesponnen zeikverhalen weten we al sinds 1976, toen Rocky de oscars voor beste film en beste regisseur won, terwijl het in beide categorieën tegenover Martin Scorsese's Taxi Driver stond. En ook het recente Forrest Gump-fiasco ligt nog vers in het geheugen. Om die reden zal ook Titanic een nauwelijks verdiend beeldje voor beste film gaan winnen, ook al is het verre van de beste film. Structureel gezien is het niet eens goede film. Het is een film die werkt, maar op precies dezelfde manier waarop bijvoorbeeld Independence Day werkt. Maar Independence Day is nu eenmaal science fiction en daarmee krijg je geen oscarnominaties. Met kostuumdrama's wel. Camerons nominatie voor beste regisseur is een logische en ook verdiende keuze, gezien de omvang van het hele project, maar het is John Woo met zijn werk voor Face/Off die werkelijk met het ding naar huis zou moeten gaan. Maar John Woo is niet eens genomineerd. Want John Woo maakt geen drama. En daar stappen we precies op de zere teen. Drama, en dan het liefst makkelijk verteerbaar menselijk drama, staat nu eenmaal in hoger aanzien dan welk ander genre ook. Wie drama maakt is een serieus filmmaker. Daarom maakt de regisseur van The Terminator Titanic, maakte Peter Jackson Heavenly Creatures en komt Wes Craven binnenkort met een film over een vioollerares. Dat is wat Hollywood, de Academy en bijna elke filmmaker en filmcriticus zichzelf voorhouden. En daarmee houden ze zichzelf allemaal voor de gek. Iedereen kan een dramafilm maken. Drama is het simpelste en goedkoopste genre dat maar te bedenken is. Er is nauwelijks talent voor nodig om een dramafilm te maken. Comedy, thrillers, horror en zelfs science fiction zijn moeilijker dan drama, omdat ze inventiviteit vragen: grappen, komische situaties, spanning, fantasie. Dat heb je bij drama niet nodig. Stop een paar mensen in een kamer en laat ze moeilijk doen. Klaar ben je. Hoe denk je dat de Franse filmindustrie het voor elkaar krijgt jaarlijks zoveel films te produceren? Ze hebben in Parijs echt niet meer geld dan in Berlijn, Madrid of Amsterdam. Ze gebruiken het alleen slimmer. Zolang het drama-snobisme regeert zullen de Titanics van deze wereld het winnen van de Face/Offs, de Rocky's van de Taxi Drivers en de Forrest Gumps van de Pulp Fictions. De James Cameron filmografie Battle Beyond The Stars (1980) art director Galaxy Of Terror (1981) production design, second unit director Escape From New York (1981) director of special effects photography, matte artwork Forbidden World (1982) design consultant Android (1982) design consultant Piranha II: The Spawning (a.k.a. Piranha II: Flying Killers) (1983) director The Terminator (1984) director, co-screenplay Rambo: First Blood Part II (1985) co-screenplay Aliens (1986) director, screenplay The Abyss (1989) director, screenplay Terminator 2: Judgement Day (1991) director, producer, co-screenplay Point Break (1991) executive producer, co-screenplay True Lies (1994) director, screenplay Strange Days (1995) co-producer, co-screenplay Apollo 13 (1995) visual effects consultant (uncredited) Terminator 2: 3D (1996) co-director, co-writer (theme park ride, Universal Studios Orlando) Titanic (1997) director, screenplay, co-producer, co-editor, cameo Tom Mes |